Hulp bij een niet pluis-gevoel

Sinds 1 januari 2019 is de meldcode ouderenmishandeling aangepast. Je doorloopt nu als zorgverlener bij een vermoeden van mishandeling een aantal vragen die direct duidelijk maken of je bijvoorbeeld een melding moet maken bij Veilig Thuis. De aandachtsfunctionaris ouderenmishandeling van ons ziekenhuis kan je helpen deze aangepaste meldcode op de juiste manier toe te passen.

“Hoewel het thema ontzettend actueel is, blijkt het in de praktijk toch een lastig onderwerp om te bespreken”, vertelt geriater Michiel van Beek. “Het is nog te vaak een blinde vlek. Nu komt het nog te vaak voor dat mishandeling niet wordt gezien of dat hulpverleners het niet durven te zien, omdat het gevoel bestaat dat het gesprek erover lastig is.”

Melden laagdrempeliger

Met de aangepaste meldcode wordt het melden van een vermoeden van ouderenmishandeling volgens verpleegkundig consulent en aandachts-functionaris ouderenmishandeling Georgette Jurrissen laagdrempeliger. “Artsen en verpleegkundigen denken soms dat ze bij het maken van een signalering ook direct de eigenaar van het probleem worden. Of ze denken dat ze meteen een melding doen. Ook wordt er vaak gedacht dat de problemen van de patiënt alleen maar groter worden, terwijl er na een signalering juist heel zorgvuldig wordt gekeken wat er aan de hand is, wat er aan gedaan moet/kan worden en of het uiteindelijk moet resulteren in een Veilig Thuis melding.”


De geriater en aandachtsfunctionaris hebben hierin een ondersteunende en coachende rol. “We helpen je laagdrempelig in het volgen van de meldcode en het verzamelen van de benodigde informatie om uiteindelijk te beoordelen of het een melding moet worden bij Veilig Thuis en welke hulp er daarnaast geboden kan worden.”

Overleggen bij twijfel

Een belangrijke rol in de nieuwe richtlijn is weggelegd voor de organisatie Veilig Thuis. Deze organisatie bundelt alle meldingen over ouderenmishandeling en zorgt dat deze meldingen terecht komen bij de juiste organisatie. “Zo blijft er altijd zicht op welke meldingen eerder al zijn gedaan door andere partijen en die nog niet zijn opgepakt”, vertelt Georgette. “Ik merk dat collega’s vaak bang zijn dat ze al direct een beschuldigende stempel uitdelen aan bijvoorbeeld een mantelzorger. Artsen en verpleegkundigen kunnen mij bij twijfel altijd bellen om te overleggen op 115074. Buiten kantooruren kun je ook laagdrempelig overleggen met Veilig Thuis 0800-2000 (24/7) of de dienstdoende geriater.”

Ondersteuning en hulp

“We geven onze collega’s de ondersteuning die ze nodig hebben”, vult Michiel aan. “We moeten in ons ziekenhuis een stap maken als het gaat om het signaleren, maar wij helpen je daarbij. Ik kan me namelijk voorstellen dat het maken van een signalering en uiteindelijk een melding bij Veilig Thuis veel tijd en energie kost, maar met een paar korte gesprekken kom je vaak al een heel eind.” Michiel en Georgette hebben de afgelopen maanden voorlichting gegeven op verschillende afdelingen. “Wat vooral belangrijk is dat er wordt gesignaleerd”, zegt Michiel. “Heb je het gevoel dat er iets niet pluis is? Bespreek dit dan met je collega’s en vooral ook met de patiënt zelf.”